Tot in de pruimentijd: het goede moment!

Pruimentijd op het Muiderslot

Pruimentijd op het Muiderslot

Tussen juli en oktober is het pruimentijd: dan worden de pruimen geoogst en kan er jam of chutney, taart of brandewijn van worden gemaakt. De groet ‘Tot in de pruimentijd!’ is een dubbelzinnige uitdrukking elkaar weer te zien in een goede tijd die uiterst onbestemd is: waar men naar uitziet maar die er misschien nooit komt. De uitdrukking zou een historische herkomst hebben. De Amsterdamse burgemeester P.C. Hooft waarnaar de beroemde literatuurprijs en beruchte winkelstraat is vernoemd verbleef ‘s zomers op zijn buitenverblijf, het Muiderslot.
Hij was door prins Maurits benoemd als ‘drost van Muiden’ en ‘baljuw van Gooiland’. Hij nodigde zijn literaire vrienden, waaronder Constantijn Huygens, Roemer Visscher en Joost van den Vondel uit op het slot de zomertijd door te brengen. De kring wijdde zich dan aan dichtkunst en conversatie, zang en dans, schilderen en tekenen.

De cultivering van humanistische deugden!

de bloeiende appel

de bloeiende appel

De pruimentijd staat dus eigenlijk voor het beoefenen van culturele genoegens en humanistische deugden zoals vriendschap, gastvrijheid, verdraagzaamheid, vriendelijkheid, welwillendheid. In deze geest schreef hij de hierboven aangehaalde uitnodiging in een brief, wellicht aan één van de gegoede dames, weduwen en andere ‘mejoffres’ die tot de kring behoorden, zoals de weduwe Heleonora Hellemans, met wie hij na de dood van zijn vrouw Christina van Erp en ‘drostin van Muiden’ in huwelijk trad en de dichteres Tesselschade, dochter van Roemer Visscher.
De jongere kringgenoot en dichter Geerard Brandt roemde de gastvrijheid van Hooft: “…was zo gastvrij, dat het Huis te Muiden bij zomertijd … zelden ledig was van luiden van letteren en van geest.”

Wanneer de vrienden van de Muiderkring van elkaar afscheid namen en naar hun winterse verblijfplaatsen togen, zouden zij ten afscheid tot in de pruimentijd hebben gezegd; in de hoop elkaar de volgende zomer weer te zien, wanneer de pruimen rond het slot weer rijp zouden zijn… Al moge deze historische herkomst van de uitdrukking twijfelachtig zijn, ze zegt toch iets over een interessante kairotische kunst van het kiezen van het goede moment, dat niet chronologisch is vast te stellen veeleer met de hulp van Kairos

Kairos. Een nieuwe bevlogenheid

Kairos wikt en weegt

Kairos wikt en weegt

Onlangs is een kairotische kunst door Joke Hermsen beschreven in haar boek over de jonge god Kairos, bekend uit de Griekse mythologie. Diens kracht staat, anders dan die van vadertje tijd, Chronos, voor het pakken van het goede moment. Om die kunst in de vingers te krijgen kunnen we ouderwetse vermogens aanspreken, zoals enthousiasme (letterlijk vanuit de oud Griekse betekenis: vervuld van god), verbeeldingskracht en bevlogenheid. Zo schrijft Hermsen in haar boek Kairos. Een nieuwe bevlogenheid: “Dankzij onze verbeelding zijn we namelijk in staat om voorbij datgene wat reeds voorhanden is – de status quo – in de richting van een ou-topos oftewel van datgene wat ‘nog niet’ verwoord is te denken” (Hermsen, 2014, p.43.)

Timing en samenspel

Deze krachten brengen ons in een andere verhouding tot de tijd en kunnen ons gevoelig maken voor de juiste timing en voor samenspel. Beide ingrediënten samen vormen een ideale speelruimte!

Een speelruimte ontstaat door spelregels én maakt het met elkaar uitvinden van nieuwe regels mogelijk. Het spelen als een relationele zijnswijze kent vele vormen, van kinderspellen tot creatief samenspel zoals bijvoorbeeld samen dansen of zingen. Creatief samenspel préfigureert hoe mensen zich in de situatie bevinden: het medium van dans of zang stemt mensen af op beweging of klanken in relatie tot elkaar.
In het afgestemde samenzijn zijn zowel uitvoerders als luisteraars en toeschouwers in het samenspel betrokken op elkaar. Zo creëert spel van binnenuit een gemeenschappelijke belevingswerkelijkheid en sociaal verband.

Chronos

de zandloper van Chronos

de zandloper van Chronos

Een vergadering daarentegen is een voorbeeld hoe er een uitwendige verhouding tot de tijd georganiseerd wordt. De punten op de agenda met het daaraan gekoppelde tijdspad vernauwen en reguleren de tijdsruimte ‘van buitenaf’. Deze is bepalend voor hoe men zich tot elkaar verhoudt en tot hetgeen waarover vergaderd wordt, en uiteindelijk ook voor de verhouding tot zichzelf.
Tegenwoordig wordt niet alleen een vergadering maar het gehele werkleven gedicteerd door Chronos, middels een werkrooster, (digitale) agenda, protocollen en andere vormen van structurering die van natuurlijke relationele verbanden losgezongen zijn. Huidige vormen van organisatiespel vernauwen daarom de existentiële ruimte, wat het precaire evenwicht tussen processen van zelfwording en zelfvervreemding en de culturele voedingsbodem onder druk zet.

Spel, kunst en feest

Filosofen zoals Schiller, Huizinga en Gadamer hebben op de culturele kracht van spel gewezen als een zijnswijze die van binnenuit bij het mens-zijn hoort. Daarom kan spel bijdragen tot processen van menswording en menswaardigheid versterken in sociale verbanden. Dat culturele uitingen zoals spel, kunst en feest zulks vermogen zou wel eens juist met die kairotische kunst kunnen samenhangen! Volgens de Duitse filosoof Gadamer brengen deze fenomenen ons in een bijzondere relatie tot de tijd: ze nodigen uit te verwijlen in de tijd in plaats van dat de (klok)tijd dicteert hoe mensen zich bevinden in een situatie. Feest en spel openen een tijdsruimte waarin mensen zich bewegen op een gedeeld ritme door de tijd. In die ruimte ontstaat betrokkenheid op elkaar: een afgestemd zijn op het samenbindende door de wijze hoe dansers dansen, zangers zingen en spelers spelen…

feestelijk samenzijn in de herberg

feestelijk samenzijn in de herberg

Symbolen zouden volgens deze filosoof deze kracht samenbundelen:

“de ervaring van het symbolische, betekent dat het individuele, het bijzondere zich als zijnsscherf presenteert, die de belofte in zich draagt het erop gelijkende tot een geheel te completeren…”
(Gadamer, 2010,
De actualiteit van het schone – Kunst als spel, symbool en feest p.48).

Spelvormen

In de spelvormen van Mens, ken je zelf! De beeldendialoogtafel Wat is de kwestie? – Wat is de questie? wordt gebruik gemaakt van de betekenisgevende kracht van ‘het symbolische’. Beoefen de kunst van het vinden van het goede moment door in het samenspel van de vier elementen aarde, water, lucht en vuur het vijfde element ether of de quintessence te ervaren.

Maak kennis met de symboliek en lees verder over de dialogische spelvormen van Mens, ken je zelf en de speelse dialoogvormen van Wat is de kwestie? – Wat is de questie!

 

Nog geen reacties.

Geef een reactie